1. In het kort: wat geldt er nu voor jou
De Europese AI-verordening — vaak de AI Act genoemd — is sinds 1 augustus 2024 van kracht en komt in stappen tot leven. Voor een accountants- of boekhoudkantoor is het beeld eenvoudiger dan de omvang van de wet suggereert. Bijna alles wat jij met AI doet, valt in de lichtste categorieën. Twee verplichtingen raken je nu al, en één categorie moet je actief zien te vermijden.
Wat vaak ontbreekt in de stukken die je hierover leest: het aantal kantoren dat AI gebruikt is inmiddels groter dan het aantal dat er beleid voor heeft. Volgens de MKB Barometer van Exact — een onderzoek onder ruim 1.700 Nederlandse mkb-ondernemers, zoals gerapporteerd door accountant.nl in juni 2026 — heeft AI bij 78% van de kantoren een voet tussen de deur, terwijl bijna de helft zegt niet te weten hoe ze het maximale eruit moeten halen. En de oudste verplichting uit de wet — die AI-vaardigheden — was in augustus 2026 nog door zo'n 70% van de Nederlandse organisaties niet opgepakt. Dat is de kloof waar deze handleiding over gaat.
2. De tijdlijn — en het uitstel van juli 2026
Dit onderdeel is het belangrijkste van de hele pagina, want een groot deel van wat er online over de AI Act staat, is verouderd. In november 2025 stelde de Europese Commissie voor om een deel van de wet uit te stellen. Dat voorstel is inmiddels wet: Verordening (EU) 2026/1744, de zogeheten Digital Omnibus on AI, aangenomen op 8 juli 2026, gepubliceerd op 24 juli 2026 en in werking sinds 27 juli 2026. Het is dus geen plan meer.
De reden voor het uitstel staat er ronduit in: de technische normen, de ondersteunende instrumenten en de nationale toezichthouders waren simpelweg niet klaar. Belangrijk detail: de Commissie wilde de data koppelen aan "wanneer de normen er zijn", maar het Parlement en de Raad hebben daar vaste kalenderdata van gemaakt. Dat is goed nieuws — je hoeft niet op een bewegend doel te mikken.
| Datum | Wat er gaat gelden | Raakt jouw kantoor? |
|---|---|---|
| 1 aug 2024 | De wet treedt in werking | Nog geen verplichtingen |
| 2 feb 2025 | Definities, verboden AI-praktijken (art. 5) en AI-vaardigheden (art. 4) | Ja, nu al |
| 2 aug 2025 | Regels voor algemene-doel-AI (de grote taalmodellen), governance, en het sanctiekader | Indirect — via je leveranciers |
| 2 aug 2026 | De meerderheid van de regels, waaronder transparantie (art. 50). Handhaving begint voor de regels die dan gelden. | Ja |
| 2 dec 2026 | Twee nieuwe verboden (niet-consensueel intiem beeldmateriaal en materiaal van kindermisbruik) en het einde van de overgangstermijn voor het markeren van AI-content | Nauwelijks |
| 2 aug 2027 | Elke lidstaat moet minstens één AI-proeftuin operationeel hebben | Nee (wel een kans) |
| 2 dec 2027 | De hoogrisicoregels voor de toepassingen uit bijlage III — was 2 augustus 2026 | Alleen bij HR- en kredietscoring |
| 2 aug 2028 | Hoogrisico-AI die in gereguleerde producten zit (bijlage I) — was 2 augustus 2027 | Nee |
Het praktische effect van dat uitstel voor jou: de zwaarste verplichtingen — een risicomanagementsysteem, menselijk toezicht met vastgelegde competenties, de grondrechteneffectbeoordeling — schuiven mee naar 2 december 2027, maar alleen voor hoogrisicosystemen. De AVG-verplichtingen rond diezelfde toepassingen schuiven niet mee. Die gelden vandaag. Wie denkt dat het uitstel betekent "we hebben nog anderhalf jaar", verwart twee wetten.
3. Welke rol heeft jouw kantoor? Aanbieder of gebruiker
De wet legt verplichtingen bij rollen, niet bij bedrijven. Twee rollen doen ertoe.
Een aanbieder ontwikkelt een AI-systeem of laat het ontwikkelen en brengt het onder eigen naam of merk op de markt — betaald of gratis. Een gebruiksverantwoordelijke gebruikt een AI-systeem onder eigen verantwoordelijkheid, anders dan voor persoonlijke, niet-beroepsmatige doeleinden.
Gebruik je Microsoft 365 Copilot, ChatGPT Enterprise, een AI-module in je boekhoudpakket of een factuurherkenner? Dan ben je gebruiksverantwoordelijke. Dat is de lichtste van de twee posities en dat is goed nieuws, want het overgrote deel van de wet — technische documentatie, conformiteitsbeoordeling, CE-markering — is gericht op aanbieders.
Maar er zit een addertje onder het gras, en dat behandelen we in paragraaf 8: je kunt onbedoeld zelf aanbieder worden.
4. De vier risiconiveaus, met de accountancy erin geplaatst
De wet sorteert AI naar wat het kan aanrichten, niet naar hoe geavanceerd het is.
Niveau 1 — Onaanvaardbaar risico: verboden
Acht praktijken zijn sinds 2 februari 2025 verboden, met de hoogste boetes van de hele wet. De meeste ervan (voorspellend politiewerk, biometrische identificatie in de openbare ruimte) zullen je nooit raken. Eén wel:
Ook verboden: social scoring, het uitbuiten van kwetsbaarheden zoals leeftijd of financiële situatie, en het afleiden van ras, politieke opvattingen, religie of seksuele gerichtheid uit biometrie. Dat laatste is relevant als je ooit een tool krijgt aangeboden die "op basis van gezichtsanalyse" iets over een cliënt of sollicitant zegt.
Niveau 2 — Hoog risico: het volle regime
Dit is het niveau met de echte administratieve last. Zie paragraaf 7. Kort: je primaire proces valt er niet onder, je HR-proces mogelijk wel.
Niveau 3 — Beperkt risico: alleen transparantie
Chatbots, AI-gegenereerde teksten, deepfakes. Je hoeft niets te documenteren of te certificeren, je moet alleen open zijn over het feit dat er AI in het spel is. Zie paragraaf 6.
Niveau 4 — Minimaal risico: geen verplichtingen
Hier zit het overgrote deel van wat jij doet: samenvatten, concepten schrijven, factuurregels uitlezen, grootboekmutaties classificeren, transcriberen, zoeken in eigen documenten, fiscale voorvragen uitzoeken. Geen enkele specifieke verplichting uit de AI-verordening — behalve artikel 4, dat over alle niveaus heen geldt.
5. Artikel 4: AI-vaardigheden. Dit geldt al
Artikel 4 is de meest onderschatte bepaling van de wet, en tegelijk de gemakkelijkste om aan te voldoen. De Digital Omnibus heeft de tekst in juli 2026 volledig vervangen. Wat er nu staat, vrij vertaald:
Aanbieders en gebruiksverantwoordelijken van AI-systemen nemen maatregelen om de AI-vaardigheden van hun personeel en van andere personen die namens hen met AI-systemen werken te ontwikkelen. Daarbij houden ze rekening met de technische kennis, ervaring, opleiding en training van die mensen, met de context waarin het systeem wordt gebruikt, en met de mensen op wie het systeem wordt toegepast. Deze verplichting vereist niet dat aanbieders of gebruiksverantwoordelijken een specifiek niveau van AI-vaardigheid garanderen.
Twee dingen om te onthouden. Ten eerste: het is een inspanningsverplichting, geen resultaatsverplichting. Je hoeft niet aan te tonen dat iedereen een bepaald kennisniveau heeft; je moet aantonen dat je er iets aan doet. Ten tweede: die verzwakking in juli 2026 verandert niets aan je beroepsverplichtingen. De VGBA eist onafhankelijk van Brussel dat je vakbekwaam bent en dat je mensen die onder je verantwoordelijkheid werken adequaat begeleidt.
Voor wie geldt het
Voor iedereen die AI aanbiedt of gebruikt, ongeacht risiconiveau en ongeacht bedrijfsgrootte. Er is geen mkb-uitzondering. Het bereik is "personeel en andere personen die met de werking en het gebruik van het systeem te maken hebben" — afhankelijk van de context kunnen dat ook ingehuurde krachten, dienstverleners of zelfs cliënten zijn.
Wat de Commissie er zelf over zegt
De veelgestelde-vragenpagina van de Europese Commissie is verrassend ontspannen. Letterlijk: er is "geen one-size-fits-all" bij AI-vaardigheden, er worden "geen strikte eisen of verplichte trainingen opgelegd", en er is "geen certificaat nodig — organisaties kunnen een interne registratie van trainingen en andere initiatieven bijhouden".
Er is ook een "living repository" met voorbeelden van hoe organisaties dit aanpakken. Let op de waarschuwing die daar zelf bij staat: het nadoen van die voorbeelden geeft geen automatische vermoeden van naleving.
Wat gebeurt er als je het niet doet
Handhaving van artikel 4 ligt niet bij Brussel maar bij de nationale markttoezichthouders, en de handhavingsregels gelden volgens de Commissie vanaf 3 augustus 2026. Anders dan bij de meeste verplichtingen staat er geen Europees geharmoniseerd boetemaximum op artikel 4; de hoogte volgt uit het nationale sanctiekader. In Nederland is dat kader op het moment van schrijven nog niet afgerond (zie paragraaf 9). Reken er niet op dat dat zo blijft.
6. Artikel 50: vertel dat het AI is
Sinds 2 augustus 2026 geldt de transparantieplicht. Vier situaties, met verschillende adressanten.
| Situatie | Wie moet iets doen | Wat |
|---|---|---|
| Iemand praat met een chatbot | De aanbieder van het systeem | Duidelijk maken dat het AI is, tenzij dat voor een redelijk oplettend persoon evident is |
| Het systeem maakt synthetische tekst, beeld, audio of video | De aanbieder | De output machineleesbaar markeren als kunstmatig gegenereerd |
| Emotieherkenning of biometrische categorisering | De gebruiker | Betrokkenen informeren over de werking (en let op: op de werkplek is emotieherkenning verboden) |
| Deepfake, of AI-tekst gepubliceerd om het publiek te informeren over zaken van algemeen belang | De gebruiker | Bekendmaken dat de inhoud kunstmatig is gegenereerd of gemanipuleerd |
Wat dit voor je kantoorcommunicatie betekent
Een chatbot op je website of in je cliëntportaal. Formeel rust de plicht op de aanbieder. Maar zet je die bot onder je eigen naam neer — en dat doe je zodra hij "Chat met Accountee" heet — dan ben je zelf aanbieder en dus zelf verplicht. Praktisch: een zichtbare, permanente mededeling bij de eerste interactie. Bijvoorbeeld: "Je spreekt met een AI-assistent. Voor advies verbind ik je door met een medewerker."
AI-geschreven adviesbrieven, memo's en e-mails aan cliënten. Naar de letter van de wet hoef je hier niets te labelen. Het gaat om individuele beroepsmatige correspondentie, niet om publicatie over zaken van algemeen belang, en er zit menselijke redactie op — jij leest het en zet je naam eronder. Die redactionele verantwoordelijkheid is precies de uitzondering die de wet noemt.
Blogs, nieuwsbrieven en fiscale nieuwsberichten op je site. Hier wordt het interessanter. Publiceer je AI-gegenereerde stukken over onderwerpen van algemeen belang — een uitleg over de nieuwe box 3-regels bijvoorbeeld — zonder dat een mens er redactioneel verantwoordelijk voor is, dan moet je dat labelen. Zit er wel echte redactie op, dan niet. De praktische conclusie: zorg dat er redactie op zit, leg dat vast, en dan is de vraag opgelost. Dat is toch al wat je vaktechnisch wilt.
Beeld en stem in je marketing. Een AI-gegenereerde "medewerker", een nagebootste stem of een avatar die een bestaand persoon nadoet: dat is een deepfake en die moet je expliciet als zodanig benoemen. Nabootsing van een identificeerbaar persoon zonder toestemming raakt bovendien het portretrecht en de AVG.
7. Waar hoog risico wél in je kantoor zit: HR en krediet
Bijlage III van de wet somt op wat hoog risico is. Acht categorieën, waarvan vier onderdelen voor jou kunnen gaan gelden — en geen daarvan zit in je primaire proces.
| Bijlage III | Waar het over gaat | Concreet in een kantoor |
|---|---|---|
| 4(a) | Werving en selectie: gericht plaatsen van vacatures, filteren van sollicitaties, beoordelen van kandidaten | Een cv-screener of een tool die sollicitanten rangschikt |
| 4(b) | Besluiten over arbeidsvoorwaarden, promotie, ontslag, taaktoewijzing, en het monitoren of evalueren van prestaties en gedrag | Een tool die medewerkersprestaties scoort of gedrag monitort |
| 5(b) | Beoordelen van kredietwaardigheid of het vaststellen van een kredietscore van natuurlijke personen — fraudedetectie is uitgezonderd | Zelf een dga, zzp'er of particulier scoren met AI |
| 5(c) | Risicobeoordeling en prijsstelling bij levens- en ziektekostenverzekeringen voor natuurlijke personen | Alleen bij een verzekerings- of employee-benefitsdesk |
En wat er dus niet in staat: boekhoudkundige verwerking, factuurherkenning en OCR, documentclassificatie, het opsporen van afwijkingen in een grootboek, transcriptie, conceptteksten en fiscale research. Die vallen in de lichte categorieën.
Wat de hoogrisicoregels van je vragen (vanaf 2 december 2027)
Als gebruiksverantwoordelijke van een hoogrisicosysteem moet je onder andere:
- het systeem gebruiken volgens de gebruiksinstructies van de aanbieder, met passende technische en organisatorische maatregelen;
- menselijk toezicht beleggen bij mensen met de nodige kennis, opleiding, bevoegdheid én ondersteuning;
- zorgen dat je inputdata relevant en voldoende representatief is, voor zover je daar controle over hebt;
- de werking monitoren, de aanbieder informeren bij problemen, en bij een risico voor de gezondheid, veiligheid of grondrechten het gebruik opschorten en de toezichthouder inlichten;
- logs minimaal zes maanden bewaren;
- de informatie van de aanbieder gebruiken voor je DPIA onder de AVG;
- de betrokken personen informeren dat er een hoogrisicosysteem op hen wordt toegepast.
De grondrechteneffectbeoordeling (FRIA) — voor jou meestal niet
Artikel 27 verplicht sommige gebruikers tot een fundamental rights impact assessment. Dat geldt voor overheidsinstanties, voor private partijen die openbare diensten verlenen, en voor gebruikers van juist die twee kredietwaardigheids- en verzekeringssystemen (bijlage III 5(b) en 5(c)). Een gewoon kantoor valt er dus niet onder — tenzij je met AI de kredietwaardigheid van natuurlijke personen gaat beoordelen. Sinds de wijziging van juli 2026 mag een FRIA voortbouwen op je DPIA, en komt er een gestandaardiseerde vragenlijst van het Europese AI-bureau. Dat maakt het aanzienlijk lichter.
8. De valkuil: onbedoeld zelf aanbieder worden
Artikel 25 zegt dat je als gebruiker aanbieder wordt van een hoogrisicosysteem in drie gevallen.
- Je zet je eigen naam of merk op een hoogrisicosysteem dat al op de markt is.
- Je brengt een substantiële wijziging aan in een hoogrisicosysteem.
- Je wijzigt het beoogde doel van een systeem zodanig dat het daardoor hoog risico wordt.
Dat derde geval is de echte valkuil, want dat kun je bereiken zonder één regel code te schrijven. Drie voorbeelden uit de kantoorpraktijk:
- Je bouwt met een algemeen taalmodel en een paar prompts een cv-screener. Je hebt een minimaal-risicosysteem omgebouwd tot een bijlage III 4(a)-toepassing. Nu ben je aanbieder en gebruiker van een hoogrisicosysteem.
- Je zet een agent-workflow in om medewerkersprestaties te scoren uit urenregistratie en dossieractiviteit. Zelfde verhaal, via 4(b).
- Je bouwt voor cliënten een tool die de kredietwaardigheid van hun particuliere debiteuren scoort. Hoog risico via 5(b), plus FRIA-plicht.
Word je aanbieder, dan krijg je het volledige pakket: risicomanagementsysteem, datagovernance, technische documentatie, logging, conformiteitsbeoordeling, CE-markering, kwaliteitsmanagementsysteem en registratie. Dat is geen project van een middag.
Sinds juli 2026 is hier één ding verbeterd: de oorspronkelijke aanbieder moet nauw met je samenwerken en technische documentatie leveren die volstaat om de naleving te beoordelen, vast te leggen in een schriftelijke overeenkomst. Neem dat op in je inkoopcontracten met AI-leveranciers — dan sta je er niet alleen voor als het misgaat.
9. Boetes en wie er in Nederland over gaat
De percentages gaan over de wereldwijde jaaromzet en normaal geldt het hoogste van bedrag en percentage. Voor het midden- en kleinbedrijf en start-ups is dat omgedraaid: daar geldt het laagste van de twee. Voor een gemiddeld kantoor is de omzetdrempel dus in de praktijk maatgevend, niet het miljoenenbedrag uit de krantenkoppen. Lidstaten mogen daarnaast niet-financiële maatregelen opleggen, zoals waarschuwingen.
Wie handhaaft er in Nederland?
Dit is per augustus 2026 nog niet definitief geregeld, en dat is relevant om te weten. Het conceptwetsvoorstel van april 2026 kiest voor een decentraal, sectoraal model met tien toezichthouders, waaronder de Autoriteit Persoonsgegevens, de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI), de AFM en DNB. De AP en de RDI krijgen de coördinerende rol, met de RDI als enige aanspreekpunt richting Brussel. De wet was medio 2026 nog niet afgerond.
Nederland is niet de enige achterblijver: van alle lidstaten had medio 2026 pas een handvol zowel de markttoezichthouder als de aanmeldende autoriteit aangewezen. Precies die vertraging is in de verordening zelf als reden voor het uitstel genoemd.
Wat er nog beweegt
Er lag in november 2025 nóg een omnibusvoorstel op tafel: een bredere Digital Omnibus die de AVG, ePrivacy, de Data Act, NIS2 en DORA zou wijzigen. Dat voorstel zat medio 2026 nog in de commissiefase en is geen wet. Ga dus niet uit van gewijzigde AVG-verplichtingen. Wat wél is aangenomen, is uitsluitend het AI-deel.
10. Wat je nu concreet regelt
11. Bronnen
- Verordening (EU) 2024/1689 (AI-verordening) — eur-lex.europa.eu
- Verordening (EU) 2026/1744 van 8 juli 2026, Digital Omnibus on AI — eur-lex.europa.eu
- Officiële implementatietijdlijn van de Europese Commissie — ai-act-service-desk.ec.europa.eu
- Europese Commissie, veelgestelde vragen over AI-vaardigheden — digital-strategy.ec.europa.eu
- Living repository AI-vaardigheden — digital-strategy.ec.europa.eu
- Raad van de EU, persbericht definitieve goedkeuring, 29 juni 2026 — consilium.europa.eu
- Overzicht nationale implementatie per lidstaat — artificialintelligenceact.eu
- Accountancy Europe, The EU AI Act: a guide for SME accountants, februari 2025 — accountancyeurope.eu (inhoudelijk nuttig, maar de tijdlijn erin is verouderd)
- Accountant.nl, Meer dan driekwart van accountantskantoren zet inmiddels AI in, juni 2026 — accountant.nl
Meer uit deze reeks
Regels en verplichtingen
Risico's en beheersing
Techniek en leveranciers
Beroepsorganisaties en AI
Zie hoe Accountee dit oplost
Regelgeving, risico's en beroepsregels zijn één ding. Accountee helpt je kantoor AI veilig en praktisch in te zetten — zonder dubbel werk.
Deze pagina geeft algemene informatie over regelgeving en risico's en is geen juridisch, fiscaal of vaktechnisch advies. Wet- en regelgeving rond AI verandert snel; de stand van zaken is die van 21 augustus 2026. Laat besluiten met gevolgen voor je kantoor of je cliënten altijd toetsen door een deskundige.